maandag 12 mei 2014

Hallo Jambo

Mijn geschiedenis met jou gaat al terug tot september 2001. Misschien zelfs nog een paar weken eerder want nadat je geboren was en ik wist dat ik je in huis zou nemen, begon de zoektocht naar een geschikte naam. Die kwam heel toevallig naar me toe, tijdens een reis in Kenia. Dagelijks hoorde ik daar meermaals het melodieuze woord ‘Jambo’ weerklinken: Swahili voor ‘hallo’. En realiseerde ik me plots dat het woord zich ook uitstekend leende als naam voor een kat ...

En toen kwam je bij mij terecht. Een halflangharige schildpadkat met heel veel karakter en weinig nood aan lijflijk contact. Gelukkig maar want als late twintiger met een drukke baan en een uitgebreid sociaal leven was ik vaak op pad en jij dus veel alleen. Niet dat dat je deerde want we leefden in het veld en daar had je alle plaats om te jagen en te genieten van de vrije ruimte. Je leefde dus je eigen leven en genoot van al die vrijheid. Omdat ik regelmatig naar het buitenland ging voor het werk, besloot ik toch maar om je een zusje te geven zodat je altijd gezelschap zou hebben. En zo kwam Loki erbij, onze Noorse God van chaos en onvoorspelbaarheid. Grote liefde werd het echter nooit tussen jullie. Al leerden jullie wel elkaar te dulden. Zolang ze maar wist wie de baas was: jij.

Toen begon ik aan een gezin en was er een verhuis naar een kindvriendelijke woonwijk. Het waren vooral jij en Loki die daarvoor de prijs betaalden. Weg waren de velden en de weilanden waar jullie urenlang konden spelen en ronddwalen. Dat heb ik altijd jammer gevonden voor jullie en gaf me ook veel het gevoel te falen als baasje. Jullie bleven wel maar ik zag in jullie ogen een lichtje uitgaan aangezien jullie leefwereld plots inkromp tot een veranda en een tuin. Ik heb nog gezocht naar een boerderij als nieuwe thuis voor jullie maar omdat ik te weinig zekerheid had dat jullie daar de nodige zorgen zouden krijgen, heb ik jullie nooit kunnen loslaten. Jarenlang leefden jullie daarop aan de rand van ons gezin. Jullie kwamen eten en wij werden geduld, maar verder reikte de band niet ...

Tot ik een half jaar geleden plots merkte dat je moeite had bij het eten. De dierenarts stelde vast dat jouw gebit in lamentabele toestand verkeerde en greep in. Na die operatie was je miraculeus getransformeerd tot huiskat: telkens je de kans had, kwam je binnen, liet je strelen en oppakken, en sliep in een mandje naast het vuur. Je liep achter ons aan en bedelde om aandacht. We omarmden je van ganser harte en met veel dankbaarheid, ervan overtuigd dat jouw tweede leven nu begon als echt gezinslid.

Maar een paar weken geleden stelden we vast dat je toch wel heel mager werd, ook al at je de oren van ons hoofd. Je was altijd al een mager en pezig diertje maar stilaan werd het ziekelijk. En je werd traag. In de keuken viel ik bijna dagelijks over je heen omdat je rond mijn benen draaide en niet op tijd opzij ging terwijl ik met borden en kookpotten in de weer was. Zodat ik al eens sakkerde op jou, totdat ik me realiseerde dat je stilaan een oude vrouw werd en ik dus wat meer respect en geduld voor je mocht opbrengen.

Tot een week geleden. Loki passeerde je rakelings op het vloerkleed. Terwijl je haar anders een stevige poot tegen de kop had geplant om te laten voelen dat jij de baas was en zij uit je buurt moest blijven, stapte jij opzij en week uit voor haar. Op dat moment wist ik dat je hulp nodig had. Jij zou nooit een stap opzij zetten, jij zou nooit plooien … Er moest iets aan de hand zijn

De dierenarts kwam en stelde een abnormaal hoge hartslag vast. Toen ik haar vertelde dat je bergen at en toch bleef vermageren, wist ze genoeg. Vermoedelijk een schildkliertumor. Een bloedonderzoek bevestigde dat en toonde aan dat ook je lever het niet goed doet. Een behandeling met radioactieve bestraling was een mogelijkheid, totdat uit je bloedproeven bleek dat je ook leukose had, een vorm van leukemie … Een doorgedreven behandeling had dus geen zin meer. Om je toch nog een beetje kwaliteitsvolle tijd te geven, krijg je nu medicatie om je schildklier te normaliseren. En is het hopen dat deze snel aanslaat zodat je kan aansterken en weer kan genieten van de tijd die je nog rest.

Op één punt trekken we weliswaar de lijn: als je pijn hebt, stopt het. Maar tot die dag halen we alles uit de kast om jou te helpen. Want je hoort bij ons, jij schattig pluizig poezebeest, en ik mag er niet aan denken dat het afscheid nadert ...

Geen opmerkingen: