maandag 5 november 2018

Wat ik niet eerder deelde - deel 3


Lange tijd had ik het gevoel dat ik mentaal en emotioneel helemaal vastgelopen was. Nergens zat beweging in. Zeker niet in mijn hoofd. De hele wereld om me heen evolueerde, maar ik bleef verstard en versteend. Nu de energie weer begint te stromen doordat knopen zijn doorgehakt en situaties toch mogen evolueren, komt er stilaan ook weer beweging in het hoofd. Al gaat dat soms gepaard met echte groeipijnen. Maar ik ben vastbesloten om niet meer weg te lopen, en zeker niet voor mezelf.

Zo dwing ik mezelf sinds kort om stil te staan bij mijn gevoel en gedrag rond andere mensen. Vooral grotere groepen zijn veelal confronterend want ik merk hoe anderen probleemloos zichzelf kunnen zijn en uiten, en innig contact maken met elkaar zodat echte vriendschappen opbloeien. Terwijl ik meestal het gevoel hou een vreemde eend in de bijt te blijven, hoe hard ik ook probeer om echt deel uit te maken van de groep. Ik bén erbij, maar hóór er niet echt bij.

In kleine groepjes of 1-op-1-situaties durf ik me (meer) bloot te geven, maar in grote groepen val ik stil of begin overdreven druk te handelen omdat ik anders het gevoel krijg weg te zinken in de massa. Of ik verschuil me achter de paar mensen die ik ken en surf mee op hun contacten en conversaties zonder zelf actief deel te nemen. Met als gevolg dat ik onzichtbaar blijf. Het is quasi onmogelijk voor mij om echte conversaties met een paar mensen aan te gaan in een grotere groep, want dan word ik continu afgeleid door wat er gebeurt rond mij: geluiden, bewegingen … Het lijkt dan alsof ik niets kan filteren en alles tegelijk op me afkomt. Zodat ik me nooit kan concentreren op wat er wordt gezegd en gebeurt in mijn kleinere cirkel. Heel vermoeiend, en frustrerend.

Telkens ik te maken heb met een groep, krijg ik zo het gevoel geen toegevoegde waarde te hebben. En klinkt er steeds luider een stem in mij die commentaar levert op alles wat ik zeg en denk: Wat ben je saai. Wat zeg je nu weer, wat zal iedereen je weer vreselijk dom vinden. Niemand zit te wachten op jouw mening … Zodat ik stilval en enkel nog kan denken: wat doe ik hier? Ik hoor hier niet bij. En ik me plots vreselijk eenzaam voel midden in die groep.

En daarom heb ik keihard de knoop doorgehakt. Heel bewust en uitdrukkelijk afstand genomen van groepen, om mezelf te dwingen weer tot mezelf te komen. Misschien is er zelfs geen weg terug, en zal ik concluderen dat ik gewoon niet gedij in groep. Want zolang ik verval in kameleongedrag om toch maar leuk gevonden te worden, is deel uitmaken van groepen niet in mijn belang.

Ik heb een tijdje geleden een auteur (Brené Brown) ontdekt van boeken over verbinding, kwetsbaarheid en schaamte. Dankzij haar vind ik stilaan een taal om mezelf te begrijpen. Een eerste stap is alvast om mijn schaamte los te laten door op zoek te gaan naar wat schaamtegevoelens triggert bij mij, en deze dan te onderzoeken. Want iedereen maakt al eens een ongelukkige opmerking of zelfs ronduit een fout, doet al eens onhandig … Waarom vind ik dat bij andere mensen doodnormaal en voor mezelf onvergeeflijk? Vooral door mijn reactie, denk ik nu. Als ik mezelf in verlegenheid breng (wat helaas veel gebeurt), negeer ik dat keihard en hoop dat andere mensen het niet opmerken. Maar achter elk woord of gebaar van hen, lijk ik dan te lezen dat ze het wel hebben opgemerkt, en dat mijn (gebrek aan) reactie enkel nog meer onderstreept wat voor een sociaal onaangepaste kluns ik ben. Waardoor ik nog meer doordraai om de aandacht af te leiden. Een vicieuze cirkel. 

Nu heb ik me voorgenomen dat als ik mezelf nog eens in verlegenheid breng, al dan niet terecht, dat ik dat gewoon onder woorden probeer te brengen. Zodat we allemaal samen eens kunnen lachen en dan verder gaan. Zo krijgt het de aandacht die het werkelijk verdient: minimaal. Mezelf kennende zal het vast niet lang duren alvorens ik die theorie in praktijk kan brengen … 😉

"Alleen als we onze eigen duisternis goed kennen, kunnen we aanwezig zijn bij de duisternis van anderen." (Brené Brown)